Het einde van Mussolini (28 april 1945)

Benito Amilcare Andrea Mussolini (Predappio, 29 juli 1883 – Giulino di Mezzegra, 28 april 1945) was een Italiaans onderwijzer, journalist en van 1922 tot 1945 fascistisch dictator. Hij schiep een antidemocratisch, totalitair, fascistisch regime, gebruikmakend van propaganda. Door volledige controle over de media nam hij de bestaande democratische regering over.

Ook betrok Mussolini Italië in de burgeroorlog in Spanje door net als Duitsland Franco te ondersteunen. In 1939 werden de banden met Duitsland verder aangehaald. Het verdrag bezegelde de as Rome-Berlijn, waardoor Italië automatisch werd meegetrokken in het door Adolf Hitler ontketende conflict: de Tweede Wereldoorlog.

Op 10 juni 1940 verklaarde Italië de oorlog aan Frankrijk en Engeland. Bij een bezoek aan Hitler claimde Mussolini, na de nederlaag van Frankrijk en Engeland, grote gebieden aan de Middellandse Zee, zoals Corsica, Malta, Algerije, Tunesië en de Britse gebieden in Egypte en Sudan. Deze verwachting kon echter niet worden ingelost. De Engelsen bleken vast van plan de vitale verbindingen en gebieden onder controle te houden. Het Italiaanse leger was bovendien niet erg krachtig. Hierdoor bleek Italië in de Tweede Wereldoorlog niet in staat tot effectief militair optreden. Het Italiaanse leger moest steeds, zoals in Griekenland en Afrika, door Duitsland uit de brand worden geholpen.

In 1945 braken de geallieerden door tot in de Povlakte, terwijl de partizanen van Tito enkele oostelijke gebieden bezetten en Italiaanse partizanen overal de macht overnamen. In april 1945 voerde de SS achter de rug van Mussolini besprekingen met de geallieerden. Toen Mussolini hier achter kwam was het te laat: de Duitsers hadden in Italië gecapituleerd. Mussolini vatte vervolgens het plan op om met 3,000 ‘trouwe fascisten’ in de Alpen een guerrillaoorlog te voeren, maar slechts dertien kwamen opdagen.

Mussolini vluchtte naar Milaan, trachtte daar te onderhandelen met het Italiaanse verzet, wat mislukte en vluchtte daarna – vermomd als Duits militair – naar de Italiaans-Zwitserse grens. Hij sloot zich aan bij een SS-kolonne die op weg was naar Oostenrijk. Op 27 april 1945 werd deze colonne in Musso, bij Dongo aan het Comomeer, aangehouden en door Italiaanse partizanen op zwarthemden gecontroleerd. Mussolini had een Duits uniform aan en de helm over zijn hoofd getrokken en deed alsof hij dronken was. Hij werd echter door Urbano Lazzaro herkend en gearresteerd.

Op 28 april 1945 voegde zijn vriendin Clara Petacci – sinds 1936 zijn maîtresse – zich bij hem. Enige uren later werden zij beiden onder nog onduidelijke omstandigheden vermoord. Naar het schijnt wilden de partizanen hem eerst berechten, maar werd het koppel ontvoerd door de partizanenleider kolonel Valerio (werkelijke naam: Walter Audisio) die hier niet op wilde wachten. Audisio vertelde hen dat hij hen wilde bevrijden, maar bracht de twee naar een stille plek in Giulino di Mezzegra aan het Comomeer om ze te executeren. Clara Petacci sprong voor Mussolini waarop ze als eerste werd neergeschoten. Alvorens Mussolini zelf aan de beurt was zou hij de laatste woorden: “Schiet mij in de borst.” hebben uitgesproken. Audisio zelf zou altijd blijven volhouden dat hij Mussolini en Petacci had vermoord, en dat hij handelde op bevel van het Nationaal Bevrijdingscomite, dat een doodvonnis tegen Mussolini zou hebben uitgesproken.

Een kruis te Mezzegra geeft de plaats van Mussolini’s executie op 28 april 1945 aan.

De lichamen werden naar Milaan overgebracht waar ze tentoongesteld werden. Op de Piazzale Loreto werden hun lijken, samen met die van drie lotgenoten, aan de voeten opgehangen aan een portaalbalk van een benzinestation, waar ze werden bespot en aangevallen door de menigte.

Later werd Mussolini in Milaan begraven. In april 1946 werd zijn lichaam gestolen, mogelijk om losgeld te eisen, maar toen dat niets opleverde werd het een maand later bij een klooster in Milaan ingeleverd. Daar zorgde men voor een waardige maar stilgehouden begrafenis onder een altaar in een ander klooster bij Legnano. In 1957 werd Mussolini door de familie herbegraven in de buurt van zijn geboortedorp Predappio.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Foto's, Geschiedenis en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s