“Mijn God, mijn God … heb medelijden met mij en met dit arme volk.”

Willem van Oranje kan zijn historische laatste woorden niet hebben gesproken. De ‘Vader des Vaderlands’ van Nederland was op slag dood toen hij op 10 juli 1584 werd neergeschoten. Dat is een van de resultaten van de reconstructie van de moord die het Erfgoed Delft en het EO-programma ‘Blauw Bloed’ maakten met behulp van moderne forensische onderzoeksmethoden.

Na het schot dat Balthasar Gerards in 1584 loste, moet Willem van Oranje op slag dood zijn geweest. De beroemde laatste woorden – “Mijn God, mijn God, heb medelijden met mij en met dit arme volk” – moeten volgens forensisch arts Mat Weststrate naar het rijk der fabelen worden verwezen.

De aanslag op de Vader des Vaderlands in het Prinsenhof in Delft is uitgebreid onderzocht en gereconstrueerd door een team aan onderzoekers. Weststrate onderzocht daarbij de gevolgen van het schot van Balthasar Gerards op het lichaam van Willem van Oranje.

Hij vertaalde ondermeer het originele sectierapport van de bekende 16e eeuwse arts Pieter van Foreest opnieuw in hedendaags Nederlands: “Mijn conclusie is dan ook dat de kogel bij de vijfde rib naar binnen is gegaan, bij de achtste rib naar buiten is gegaan en dat hij de linkerzijde van de hartkamer heeft weggeslagen. Dan treedt de dood onmiddellijk in en de mogelijkheid dat hij nog iets heeft gesproken acht ik uitgesloten.”

De politie heeft ook met een vergelijkbaar wapen als moordenaar Balthasar Gerards gebruikte, schietproeven gedaan om te kijken of de kogels inderdaad het lichaam van de prins weer hebben kunnen verlaten.

Dit blijkt het geval te zijn. De kogelgaten zijn wel in de loop der tijd groter geworden doordat mensen er met hun vingers in hebben zitten peuteren. Loden kogels uit radslotpistolen, die Gerards gebruikte, laten kleine inslagen in het stucwerk van een muur achter.

Het blijkt ook niet te kloppen dat de prins in de Historische Zaal zijn laatste middagmaal nuttigde, daarna naar de trap liep en daar werd neergeschoten. Willem kwam volgens de onderzoekers uit het zogenaamde Gastenkwartier. Dat maakt ook duidelijk waar de moordenaar, Balthasar Gerards, stond: achter een pilaar voor de Historische Zaal.

Ook de kogelgaten en de muur waarin ze zitten, zijn uitgebreid onderzocht. Vast staat dat de kogelgaten in een stuk muur zitten dat er ook in 1584 al was. De omvang van de gaten kan niet kloppen; de gebruikte loden kogels hadden alleen kleine inslagen in het stucwerk kunnen achterlaten. De huidige ‘kogelgaten’ zijn in ieder geval door mensenhanden verdiept. De plek waar ze zitten, kan wel echt zijn, blijkt uit het onderzoek. “

Balthasar Gerards’ gruwelijke einde

De moordenaar was weggevlucht, maar zijn achtervolgers kregen hem snel te pakken. Het bleek dat hij een paar luchtzakken bij zich had waarmee hij over een gracht had willen zwemmen. Balthasar Gerards werd verhoord, maar hij toonde geen enkele spijt. De straf liet niet lang op zich wachten. Gerards werd onthoofd en gevierendeeld.

Dit bericht werd geplaatst in Geschiedenis en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s