Richard Harvell – De Klokken

1

Dit boek heb ik op een zeer eigenaardige manier ontdekt. Het lag nl. tussen de boeken die mij zus wou weggooien. Op de kaft staat “voor alle lezers van het parfum”. Het heeft niets te maken met het Parfum tenzij dat het hier om “het geluid” gaat en niet om de reuk.

Richard Harvell schreef met “De klokken” (the Bells)  een hartverscheurende, historische roman over de zoon  van een dove klokkenluidster uit de Urner Alpen.

Men dacht dat hij niet normaal was, even doof en gek als zijn moeder. Een jongen, die zich niet bewust leek van het geluid van de klokken, die op vijftig passen de trommelvliezen deden barsten. De verlegen jongen sprak nooit, hij maakte geen geluid, dat kind moest wel doof zijn.

In het bittere weer van de bergen woonde hij bij zijn moeder in de gammele klokkentoren. Maar hij was niet doof. Om te weerstaan aan het klokgelui van zijn moeder had hij een uitzonderlijk fijn gehoor ontwikkeld. Niemand wiste ervan. Hij kon geluiden selecteren, geluiden ontleden als geen ander – dit was wat zijn moeder en haar klokken hem meegegeven hadden.

Op een dag echter slaat het noodlot toe. De kleine jongen is getuige van een aardverschuiving. Hij haalt hulp en spreekt zijn eerste woorden. Zijn lot is bezegeld.

‘Jij kunt horen!’ fluisterde Vader Karl Victor, de jonge priester geschrokken en hij staarde de jongen aan alsof hij hem met zijn blik wilde branden.

In paniek vlucht het kind weg maar de priester is vastbesloten deze schandvlek uit te wissen, zodat niemand te weten zal komen dat hij het was , die de kokkenluidster heeft verkracht.

‘Jij zult zwijgen!’, zei hij, en gooide hem grommend van de brug in de bulderende Reuss.

Twee monniken redden hem op het nippertje van de verdrinkingsdood en geven hem zijn naam: Mozes. Zij nemen hem mee naar de abdij in Sankt Gallen, waar de koorleider Ulrich zijn uitzonderlijke zangtalent ontdekt. Hij zong met een volmaakt gehoor dat hij aan zijn moeder te danken had. Later herinnert hij precies wat hij dacht: “Wat gelukkig ben ik. Evenals de stenen van de kerk was ik ooit onopvallend en ruw, maar nu ben ik tot iets moois, goeds en heiligs geworden”.

Het is net deze gave die hem zijn grote ongeluk brengt. De koorleider wil deze stem niet kwijt en laat Mozes in het geheim castreren door een Italiaanse dokter.

Zo wordt Mozes een castraatzanger: een musico en zou altijd de stem van een engel hebben.

Richard Harvell omschrijft de sprookjesachtige wereld van een verminkte zanger met de stem van een engel. Moses ontpopt zich als een beroemd castraat. Maar wat moet hij doen als hij tot over zijn oren verliefd wordt op een meisje?

Mozes besluit, ondanks alles, zijn grote liefde te volgen naar Wenen.

Dit boek heeft me echt geraakt. Omdat de jongens zongen als nachtegalen werden ze wreed gecastreerd. Mozes Froban was één van hen.

Dit boek is een bekentenis aan Nicolai Froben, die opgroeide als zoon van de man, die onmogelijk zijn vader had kunnen zijn.

Meer dan een aanrader.

29108_425298607921_3331509_n

Dit bericht werd geplaatst in Boek, Gelezen. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s